home > over ons > nieuwsbrief

De toekomst is niet meer wat ze is geweest

Auteur(s): Henk Gossink,

In mijn vroege puberteit was op tal van muren de kreet 'No Future' te vinden. Dat leek mij toen wel een bevrijdende gedachte. De toekomst was - we spreken midden jaren 80 - toch vooral iets waar zorgen over waren: kruisraketten & SS-20, het karwei van Ruud Lubbers en zure regen. Dan is geen toekomst eerder een last minder, maar mijn waardering was gebaseerd op een misverstand. No Future was geen uiting van laconieke zorgeloosheid, maar van woede en teleurstelling. De toekomst was niet afwezig, maar was duister en hopeloos. In diezelfde tijd zong Herman van Veen over een tragisch nieuwsbericht: de bom valt nooit. Dat was in zijn lied reden voor grote paniek. Immers, 'zo lang een toekomst ons ontbrak leefden we dood op ons gemak'. De tekst van Willem Wilmink was een liefdevolle ontmaskering van de zelfvoldaanheid die bij doemdenken hoort. 

Inmiddels is het einde der tijden geen onderwerp van somberheid meer, maar van semidiepzinnige berusting. Zo zijn er groeperingen die menen dat zij het toekomstbeeld van Maya's kunnen vertalen naar concrete voorspellingen. Het jaar 2012 is daar het resultaat van. In dat jaar, schrik niet, vergaat onze wereld. Om precies te zijn op 21 december van dat jaar. Handig om te weten voor mensen die geneigd zijn vroeg in te kopen voor de kerst (‘dan ben je de drukte voor'). Inmiddels hebben nijvere speurders ontdekt dat deze voorspelling er zo'n 200 jaar naast zit. Deze herberekening verandert niets aan de realiteit van de groepen die hun werkend bestaan hebben verruild voor een spirituele voorbereiding op het einde der tijden. En ook de blockbuster ‘2012' zal geen bezoeker minder trekken door het verschuiven van de spreekwoordelijke deadline.

De toekomst is een constructie die we hard nodig hebben. Tegelijk kunnen uitspraken over de toekomst onmogelijk ‘waar' zijn. De toekomst is een noodzakelijke fictie met reële consequenties. Anders gesteld, de toekomst heeft een enorme terugwerkende kracht en die ‘terugwerking' is niet afhankelijk van de ‘juistheid' van onze uitspraken. De toekomst bestaat zoals Sinterklaas bestaat: zij is aantoonbaar aanwezig in de omzet van winkeliers en de opwinding van mijn dochter. En wat fictie en realiteit ineen is, leidt altijd tot misverstanden. 

Toen ‘de bestemming' van een religieus begrip een praktisch kompas voor mensen werd (voor protestanten: we spreken over de tijd van Arminius -1572 - en de VOC - 1609) namen Nederlanders als eerste aandelen in de toekomst. De toekomst bood die eerste beleggers rendement. En dat begrip is nog steeds een norm waaraan de toekomst moet voldoen, een belofte die wacht op bewijs, een schuld die ingelost moet worden.

En nu verschuift het toekomstbeeld opnieuw. De toekomst houdt een stiptheidsactie: tal van kleine letters en vage angsten worden minutieus bewaarheid. De gemakzuchtige verwachtingen worden niet langer ingelost en de belegger van nu voelt zich bekocht en verraden. Dat noemen we ook wel een crisis. En op zulke momenten ligt de verzuchting ons voor op de lippen dat de toekomst niet meer is wat ze is geweest. We vergeten gemakshalve dat de toekomst nog altijd fictie en realiteit ineen is. Dat maakt haar tot wat ze is: onvoorspelbaar, onbetrouwbaar en uiterst wispelturig.

Een crisis is een moment dat het ene misverstand over de toekomst niet meer houdbaar blijkt en het volgende misverstand zich nog niet overtuigend heeft aangediend. En juist als het donkerder wordt, groeit het verlangen naar Sinterklaas.

« Terug
« Artikelen zoeken