home > over ons > nieuwsbrief

Milieudienst Rijnmond in beweging, Kardinale deugden van een managementontwikkeling

Auteur(s): Henk Gossink,

Waar draait het om bij een spannende ontwikkeling waar op het einde alle betrokkenen met grote tevredenheid op terugkijken? Een zere plek is snel gevonden, maar wat is het scharnier van een succesvolle ontwikkeling? Joke de Haan en Jan de Vreugd waren de afgelopen periode veelvuldig in het Rijnmond-gebied te vinden waar zij DCMR begeleidden bij het ontwikkelen van hun management. De vlag van het traject - 'MOVE, ManagementOntwikkeling brengt je VErder' - gaf goed weer dat de ambitie bij de beweging lag. Maar wie creëert deze beweging en wat vraagt die beweging van de begeleiders? Met deze vragen op zak ging ik op zoek naar de kardinale deugden van Jan de Vreugd en Joke de Haan. Kenmerkend voor de antwoorden is dat zij vooral de deugden van DCMR in beeld brengen.

Kardinaal komt van het woord ‘cardo', wat zoveel wil zeggen als scharnier. Het zijn de deugden waar het om draait. In de oudheid konden we nog toe met vier: wijsheid, rechtschapenheid, moed en zelfbeheersing. Later zijn hier drie christelijke deugden aan toegevoegd: geloof, hoop en liefde.  Interessant is om te bezien welke deugden op het spel staan in een spannende organisatieontwikkeling en hoe deze deugden in worden gebracht.

Geloof
Bij de start van het programma was al lange tijd weinig geïnvesteerd in het middenmanagement van de Milieu-dienst. Tijdens de kick-off bijeenkomst herinnerden ‘ouwe rotten' elkaar aan ervaringen en inzichten van twintig jaar daarvoor. Wanneer het gaat over de ontwikkeling van het middenmanagement als geheel, dan was er sprake van stilstand. Dit achterstallige onderhoud heeft zijn sporen in de organisatie getrokken. Joke stelt over de aanleiding voor het traject: "Er was een diep verlangen bij de directeur naar meer pit in het midden. Hij zocht de beweging van ‘wij zijn het verdomhoekje' naar ‘volwassen gesprekspartner'. Het was nadrukkelijk een uitnodiging aan de managers om in beweging te komen en zich uit te spreken en mee te doen." In een bestuurlijk woelige tijd stelde directeur Jan van den Heuvel nadrukkelijk zijn vertrouwen in zijn middenmanagers door ze uit te dagen.

Moed
Tijdens één van de bijeenkomsten is Jan van den Heuvel te gast bij één van de twee managementgroepen. Bij de voorbereiding op zijn komst merkt een deelnemer op: ‘We gaan het toch wel gezellig houden?' Jan de Vreugd straalt als hij het verloop na die ogenschijnlijk onschuldige opmerking terughaalt: "Ik dacht hier hebben we iets te pakken. Want ‘gezellig', dat kan natuurlijk niet. De deelnemers wilden de directeur vragen wat hij van hen verwacht. Nou, dat ging mooi niet door. We zijn immers volwassen mensen. Ik heb ze gevraagd: ‘Leg neer waar je voor staat' en dat hebben ze gedaan. Het is daar op zijn Rotterdams aan toe gegaan. Het was echt een Catharsis. Het kon allemaal op tafel komen. Het was ook moedig van de directeur en de tweede groep om ook weer het gesprek aan te gaan."

Als ik de kardinale deugd ‘moed' hardop noem, komt direct de naam Willeke Nederlof naar voren. Zij was aan het begin van het traject gedelegeerd opdrachtgever vanuit Personeel & Organisatie. Hoewel zij tijdens de rit van functie veranderde, heeft zij het traject tot aan het einde begeleid. Joke: "Interne communicatie is buitengewoon belangrijk bij een traject als dit. Willeke is er echt voor gaan staan. Ze heeft ons de ruimte gegeven. Willeke zei ‘we gaan dit flexibel aan'. Dat gold ook voor haar."

Zelfbeheersing & matigheid
De doelstellingen van de managementontwikkeling waren stevig en divers. Persoonlijk leiderschap, teamcoaching, de dynamiek binnen de organisatie en inspelen op de omgeving: het stond allemaal op de rol voor dit traject.  De verleiding is dan groot om ook stevig te programmeren. Tijdens het traject hebben Joke en Jan ervoor gekozen om steeds meer ruimte te laten in het programma. Jan de Vreugd stelt hierover: "Je bent er ook voor verantwoordelijk om gelegenheid te creëren. Zo'n gelegenheid kun je niet voorprogrammeren." Joke: "Er speelt een ander soort logica in dit soort trajecten dan ‘leren en toepassen'. Dat is niet altijd makkelijk voor mensen die in het dagelijks leven gericht werken. Vaak kun je pas achteraf de rode draad benoemen." Tegelijkertijd valt in het gesprek op dat beiden hun rol als externe begeleider steeds ‘met mate' bezien. Veel discussie gaat over hun plek in het geheel en juist door die plek bescheiden op te vatten, ontstaat ruimte voor de eigen beweging. Jan stelt hierover: "Ik sta naast ze, maar ik doe hun werk niet." Wel was het goed om als Publiek Domein ook continue in gesprek te blijven met directeur, opdrachtgever en klankbordgroep. Deze bescheiden manier van meesturen heeft zich ook uitbetaald op een andere manier. Joke stelt over de winst van de gekozen aanpak: "De voorhoede van de verandering is in verbinding gebleven met de rest."

Wijsheid
Een traject zoals MOVE heeft geen voorspelbaar verloop, maar tegelijkertijd kunnen we evenmin spreken van een ongeleid projectiel. Achteraf kun je vaststellen wat de kantelpunten waren, maar dat is wijsheid achteraf. Dat vraagt van de begeleiders om steeds met gepaste afstand te kijken naar de ontwikkeling van de organisatie, niet te nabij want dan verliest de begeleider perspectief, maar ook niet op te grote afstand. Joke reflecteert op de eisen die zo'n traject aan de begeleider stelt: "Het komt steeds heel precies. Steeds opnieuw moet je kijken wat op dat moment nodig is. Dat kan geen productiewerk zijn."

Liefde
Waar gaat je hart naar uit als je als programmaleider een traject als dit start en tot een goed einde brengt? Jan buigt zich naar voren en komt tot een ontboezeming: "Ik heb wel gedacht: kan ik mij wel zolang hieraan verbinden? Je weet, ik ben toch een marskramer in gebakken lucht, zoals Kees Cassee dat zo mooi zegt. In de loop van dit project heb ik ervaren dat het mooi is om naast de mensen te gaan staan. Tijdens de bijeenkomsten werden hun overtuigingen stevig opgerekt. Dan kwam er een trainer met acrobatiek en dan hoorde je iemand mompelen ‘We zijn geen circus', maar ze deden het toch maar mooi en juist op die momenten zijn er bijzondere dingen gebeurd. Ze tonen van hun kant ook hun verbondenheid met mij. Die verbinding kan dus nog steeds. En dat vind ik echt een mooie ontdekking."

« Terug
« Artikelen zoeken