home > over ons > nieuwsbrief

Eigenwijze professionals bij het Rijk

Auteur(s): Maurice van de Mortel,

De huidige Haagse dynamiek stelt hoge eisen aan de ambtenaren bij het Rijk. Van hen wordt verwacht dat ze stevig positie kunnen innemen (zonder de hulp van een zak geld), creatief kunnen meedenken en dat ze effectief kunnen opereren in complexe netwerken die gezamenlijk maatschappelijke resultaten moeten realiseren. Dit artikel is gebaseerd op een discussie over dit thema in de Programmaraad van de Leergang Leiderschap in Beleidsprocessen (LB-II). Startpunt van de discussie was het debat dat op hetzelfde moment een paar honderd meter verderop in de Tweede Kamer plaatsvond over een rapport dat ondanks eerdere toezeggingen niet naar de Kamer was gestuurd.

Prorail en ministeriële verantwoordelijkheid

Eind januari 2013 moest staatssecretaris Mansveld van Infrastructuur en Milieu samen met de minister diep door het stof in de Tweede Kamer. Ze bood volmondig excuses aan, omdat een kritisch rapport over het aanbesteden van spooronderhoud door Prorail niet naar de Kamer was gestuurd. Haar betoog: zij was verantwoordelijk en bleef zitten, haar ambtenaren hadden gefaald en zouden daarop worden aangesproken. De ministeriële verantwoordelijkheid, die hier in het geding was, blijft een belangrijk onderdeel van ons democratisch bestel. Alleen zo kan de Tweede Kamer controle uitoefenen en haar tanden laten zien. De Kamer onjuist, onvolledig, onzorgvuldig of ontijdig informeren zijn niet voor niets hoofdzonden voor een bewindspersoon. En daarom was het ook voor beide bewindslieden een spannende avond in de Tweede Kamer. Maar of de ambtenaren hier simpelweg hebben gefaald, is nog maar de vraag. Ze moeten uiteraard weten dat ze werken onder ministeriële verantwoordelijkheid en wat dit, ook in de huidige tijd, betekent voor hun werk.

De informatieparadox van Van Thijn en Cardoso leert ons dat met de beste bedoelingen inderdaad grote fouten kunnen worden gemaakt. Aan de andere kant moeten politiek en media zich ook realiseren wat ze doen als ze de ambtenaren zo expliciet en (zeker op dat moment) zonder hard bewijs aan de schandpaal nagelen. Met het bashen van ambtenaren creëer je volgers en geen eigenzinnige ambtenaren die hun nek durven uit te steken. En dat zijn juist de ambtenaren waar nu behoefte aan is.

Haagse dynamiek

In Den Haag is veel beweging. De politiek wil in de huidige crisis snel resultaten en is niet bang voor grote ingrepen. Ministeries worstelen dus met grote bezuinigingen op belangrijke maatschappelijke onderwerpen, decentralisatie van taken, minder regeldruk en ga zo maar door. Intern wordt er gereorganiseerd. De op elkaar gestapelde taakstellingen van de afgelopen jaren hebben daadwerkelijk (en wellicht onverwacht) geresulteerd in kleinere eenheden en minder ministeries. Grote ministeries (instituties met een eigen aanpak, cultuur en verleden) zijn samengevoegd en gaan verder onder één naam, maar nu met de oude bloedgroepen binnen dezelfde muren. De werkdruk is in alle lagen en op alle terreinen hoog. Om maatschappelijk resultaat te boeken wordt zwaar ingezet op regie en samenwerking met partners binnen en buiten de overheid. De media hebben veel macht en zijn bepalend voor de beeldvorming rond politici, organisaties en vraagstukken. Emoties en hypes voeren steeds meer de boventoon.

En organisatorische bedding

Het nieuwe werken past goed bij de hierboven geschetste ontwikkeling en krijgt ook overal vorm. Geholpen door verhuizingen, verbouwingen en de prachtige nieuwe huisvesting van de ministeries van Veiligheid en Justitie en BZK. Maar vrijheid en mobiliteit vragen paradoxaal genoeg ook om een kader. Iedereen moet immers weten wat de uitgangspunten zijn. Waarom doen we wat we doen? Alleen dan kan de energie zich richten en zichzelf versterken in plaats van tegenwerken. Dit geldt ook voor het institutionele kader. Door snelle personele wisselingen en flexibele organisatiestructuren wordt het geheugen van de organisatie een punt van aandacht en een gedeelde verantwoordelijkheid. Hoe zorgt een organisatie ervoor dat het stokje makkelijk kan worden overgedragen en dat fouten uit het verleden vertaald worden naar lessen en niet voortdurend worden herhaald. Vluchtigheid ligt hier op de loer. En wat als het spannend wordt? Het goede antwoord is elkaar opzoeken en samenwerken om het tij te keren. Een meer menselijke reactie is: ieder voor zich en God voor ons allen. Hoe stimuleer je samenwerking en hoe voorkom je dat er binnen en tussen organisatieonderdelen (weer) schotten worden opgetrokken?

Dit vraagt om eigenwijze professionals

Al deze ontwikkelingen in de context van het werk vragen van de huidige ambtenaren bij het Rijk een grote mate van zelfstandigheid, stevigheid en creativiteit. Voor velen een aantrekkelijk perspectief met meer ruimte voor eigen verantwoordelijkheid en minder parafen. Het past ook bij een nieuwe generatie jonge ambtenaren, die hecht aan vrijheid, die assertiever is dan de oudere collega's en die handig is met sociale media. Meer lef dus en zelf keuzes maken. Tegelijk worden er aan deze nieuwe ambtenaren ook professionele eisen gesteld die voortvloeien uit het feit dat ze nog steeds werken voor het openbaar bestuur en altijd onder verantwoordelijkheid van een minister. Dit vraagt bijvoorbeeld om rolbewustzijn (je blijft onderdeel van een groter geheel) en politieke sensitiviteit. Waar snelheid en daadkracht geboden zijn zal ook ruimte voor reflectie moeten worden gecreëerd. Leren reflecteren is steeds vaker een thema. Checks and balances krijgen vooral vorm door vragen te blijven stellen, tegenspraak te organiseren en door het klankborden met collega's. Ethische grenzen bewaak je in eerste instantie zelf, gevoed door het eigen morele kompas en door de regels van het spel. Persoonlijke overtuigingen zijn een belangrijke drijfveer in het werk, maar mogen niet belemmerend werken in professionele verhoudingen. Het grote ego moet soms een stapje terug doen. Van leidinggevenden wordt verwacht dat ze medewerkers hierin coachen. Zij moeten tegelijkertijd vrijheid en veiligheid bieden. Meer dan ooit zijn communicatieve vaardigheden doorslaggevend om succesvol te kunnen schakelen, verbinden en effectief positie in te nemen.

De huidige tijd vraagt tenslotte ook om lef. Lef om weerstand te bieden! Geen volgers dus.

Maurice van de Mortel is programmaleider bij Publiek Domein

De Programmaraad

Alle grote leergangen van Publiek Domein hebben een Programmaraad. Hierin zitten leidinggevenden van (oud) deelnemers, oud-deelnemers, belangrijke spelers in het domein van de betreffende leergang en de kerndocenten samen met de programmaleider. In de Programmaraad wordt gediscussieerd over de actuele ontwikkelingen in het publieke domein en wordt verkend hoe deze ontwikkelingen vertaald kunnen en moeten worden naar het programma van de leergang. Een leergang als de LB-II blijft hiermee na vijftig edities toch steeds bij de tijd.

Relevante leergangen: Leergang Leiderschap in Beleidsprocessen (LB-II)

« Terug
« Artikelen zoeken