home > over ons > nieuwsbrief

Weinig gevoel voor tijd, maar een goed gevoel voor essentie

Auteur(s): Peter Oomen

Zomer 2006 vertrekt Peter Oomen met vrouw en kinderen naar Swaziland om een droom te verwezenlijken. In opdracht van ICCO ( interkerkelijke organisatie voor ontwikkelingssamenwerking) is hij voor twee jaar aan het werk in zuidelijk Afrika voor het project ‘Infant and Young Child Nutrition' in het kader van aidspreventie. Peter heeft de afgelopen twintig jaar als zelfstandig organisatie-adviseur gewerkt voor onder andere ministeries en gemeenten. In die tijd onderbrak hij zijn werk ook al een paar maal voor kortlopende adviesopdrachten in West Afrika, Zimbabwe en Jemen. Deze adviseur en begeleider van groepen uit de Hollandse Delta gunt ons een kijkje in ‘zijn' Afrikaanse wereld.

Het programma zou om half negen beginnen. Dat betekent dat dan de zaal open is. Om kwart over negen zijn vijf van de twintig deelnemers gearriveerd. We hadden dus ruim de tijd om laptop, beamer en andere hulpmiddelen te installeren. Dan begint het grote binnendruppelen en het enthousiaste begroeten. Zelfs de laatste krijgt uitgebreid te horen dat het zo goed is elkaar weer te zien. Ik dacht: die krijgt wel een veeg uit de pan, of wordt genegeerd, maar nee dus. Iedereen zit en dan wordt er om een voorzitter gevraagd die ons door het programma heen gaat loodsen. We staan nog een keer op en we geven elkaar de "kilo" (enkele heupbewegingen en wat handgeklap) om er een goede meeting van te maken.

Beginnen maar. Om elf uur komt er nog een nette heer binnen. Hij gaat achter zijn stoel staan en zegt: "I am Max, my real name is to long to give it in full". De hele groep begroet hem en hier en daar klinkt wat goed je weer te zien. Hij gaat zitten en even later gaat zijn mobiele telefoon. Hij staat op en verlaat de zaal. We hebben hem niet meer terug gezien.

Gedurende de dag is er iedere keer een andere voorzitter, maar allen spelen hun rol met verve en plezier. De deelnemers zijn ook volledig loyaal aan de voorzitter en de trainer. Ik word dus in de watten gelegd: zeg maar wat we moeten doen. Ze luisteren intens. Zodra er iemand wegzakt, neemt de voorzitter het woord en stelt betrokkene een vraag over de stof. Of zegt: "Laten we allemaal opstaan en een dansje beginnen of een lied aanheffen, want some people are looking too romantic." Bij groepsoefeningen wordt keihard gewerkt en met toewijding gepresenteerd. En iedereen krijgt een speciaal ritmisch applausje onder leiding van de voorzitter.

Tegen vier uur check ik even met de voorzitter of we zo langzamerhand niet moeten gaan samenvatten en of we sommige onderdelen naar de volgende dag moeten verplaatsen.

Grote verbazing op het vriendelijke gezicht. Laten we het programma toch afwerken! Even later vertelt ze dit aan de groep en vervolgens gaan we door tot zes uur. Het napraten en documentjes uitwisselen op onze memory-sticks duurt nog een uur en om zeven uur verlaat ik de zaal.

De volgende dag zouden we op tijd beginnen, maar het zelfde scenario voltrekt zich.

« Terug
« Artikelen zoeken